Jongbloed, de boekhandel voor juridisch Nederland

Lexplicatie 3.39a; Wetgeving adviesstelsel rijksoverheid

Auteurs: Storm

Jongbloed prijs: € 49,50
Leverbaar Dit boek is leverbaar en op voorraad

Boek | Ingenaaid | 408 bladzijden | Nederlands
Kluwer | 2e editie | Verschenen in 2011
ISBN-13: 9789013087444 | ISBN-10: 9013087442 | PDF Inhoudsopgave



Samenvatting

Dit Lexplicatiedeel bundelt de regelgeving over colleges die het Rijk adviseren over zaken van wetgeving en bestuur, zoals bijvoorbeeld de Sociaal-Economische Raad, de Gezondheidsraad en de Algemene Energieraad.

De Kaderwet adviescolleges geeft algemene regels over inrichting, samenstelling en bevoegdheden van de adviescolleges. Naast deze wet bevat dit boek ook de specifieke regelgeving per adviescollege.

Het commentaar van de auteur zorgt ervoor dat de lezer gemakkelijk en snel inzicht krijgt in de positie en de taken van de colleges die onze rijksoverheid adviseren.

Serie


Rubriek / NUR

Staats- & Bestuursrecht

Aankomende cursussen omtrent Staats- & Bestuursrecht:
Datum Titel
25 May Organische Europese Democratie 0 0 0 0

Juridische kalender

Trefwoorden

De volgende trefwoorden zijn opgenomen bij dit boek: 4.210 Nederland, Staatsrecht, Bestuursrecht

Literatuurlijsten


Wettenbundels

In deze titel zijn een aantal wetten opgenomen waaronder:

  • Besluit adviescommissie Restitutieverzoeken Cultuurgoederen en Tweede Wereldoorlog (2002)
  • Besluit instelling Adviescollege burgerluchtvaartveiligheid
  • Besluit mandaat, volmacht en machtiging Algemene Zaken 2009
  • Besluit mandaat, volmacht en machtiging Bureau WRR 2009
  • Besluit Nationale havenraad
  • Toon alle wetten die in deze bundel staan.

Recente uitspraken bij deze wetten:
Datum LJN Samenvatting
25-04-2012 BW3861 Bij besluit van 24 februari 2011 heeft het algemeen bestuur het projectplan Waterberging Diesdonk vastgesteld.
12-04-2012 BW4068 Niet is gebleken dat de verzending van het afschrift van de uitspraak per faxbericht in het onderhavige geval met de door artikel 8:37, eerste lid, van de Awb, vereiste waarborgen was omkleed. Nu evenwel niet in geschil is dat appellanten het afschrift van de uitspraak per faxbericht op 13 januari 2012 hebben ontvangen en de waarborg van artikel 8:37, eerste lid, van de Awb erin is gelegen te verzekeren dat de betrokken partij het afschrift van de uitspraak daadwerkelijk ontvangt, bestaat geen grond voor het oordeel dat de aangevallen uitspraak niet op de voorgeschreven wijze is bekendgemaakt.
03-04-2012 BW1435 Omdat dit verblijfsrecht, gelet op overweging 2.2.3., formeel beperkt is, valt het onder de categorie verblijfsrechten als omschreven in artikel 3, tweede lid, aanhef en onder e, van de richtlijn. Daarom wordt de periode van 31 augustus 2006 tot 28 september 2006 op grond van artikel 4, tweede lid, van de richtlijn niet in aanmerking genomen bij de berekening van de duur van het in het artikel 4, eerste lid, bedoelde verblijf. Uit artikel 4, tweede lid, van de richtlijn volgt evenwel niet dat deze periode een onderbreking van het legale verblijf als bedoeld in het eerste lid vormt. De periode wordt alleen niet meegeteld, zodat een vreemdeling die in de vijf jaar voorafgaand aan zijn aanvraag enige tijd een formeel beperkt verblijfsrecht heeft gehad, eenzelfde periode langer legaal en ononderbroken in de lidstaat zal dienen te verblijven om aan de vereisten van artikel 4, eerste lid, van de richtlijn te voldoen. (?) Op grond van artikel 21, eerste lid, aanhef en onder b, van de Vw 2000 kan de aanvraag tot het verlenen van een verblijfsvergunning regulier voor onbepaalde tijd als EU-langdurig ingezetene echter reeds worden afgewezen, indien de vreemdeling in de vijf jaar direct voorafgaand aan zijn aanvraag een formeel beperkt verblijfsrecht heeft gehad. (?)
03-04-2012 BW1458 FORMEEL BESTUURSRECHT. Partijen en gemachtigden. Bekendmaking via gemachtigde.
30-03-2012 BW1467 BESTUURSPROCESRECHT. Schadevergoeding. Redelijke termijn. 6 EVRM. Periode waarin minister naar aanleiding van intrekking besluit wegens gronden beroep nieuw besluit moet nemen, telt mee bij duur procedure in het kader van de redelijke termijn.